• HRM
  • Juridisch
  • Kapitaal
  • Talentontwikkeling
  • Sales en communicatie
  • Strategie
  • Digitalisering
  • Overige

HRM

13e maand of eindejaarsuitkering voor uw personeel

Voor uw werknemer is een 13e maand of eindejaarsuitkering een aantrekkelijke arbeidsvoorwaarde. U kunt zich met deze extra beloning onderscheiden van andere werkgevers. Lees over het berekenen van de dertiende maand of eindejaarsuitkering en de verschillen.

In cao, arbeidscontract

Een eindejaarsuitkering of dertiende maand is niet in de wet geregeld. Uw werknemer heeft er dus niet wettelijk recht op. Wel kan er in de cao staan dat u uw werknemer een dertiende maand of eindejaarsuitkering moet uitbetalen. En hoe hoog deze is. Staat er niets in de cao en wilt u deze arbeidsvoorwaarde aan uw personeel aanbieden? Zet de afspraken daarover dan in het arbeidscontract.

Wat is een 13e maand of eindejaaruitkering

Een dertiende maand is een extra maand loon. Het is een eenmalige extra betaling die gelijk is aan het brutomaandloon, exclusief vakantietoeslag. Een eindejaarsuitkering of eindejaarbonus kunt u vrij invullen. U bepaalt zelf het bedrag of percentage van het brutojaarsalaris. Vaak is de eindejaarsuitkering afhankelijk van de winst van het bedrijf. U kunt met uw personeel ook een ‘vloer’ afspreken. Dat is een vast bedrag dat u uw werknemer minimaal aan eindejaarsuitkering betaalt. Uw medewerkers bouwen over een 13e maand en eindejaarsuitkering meestal geen vakantietoeslag en pensioen op. Tenzij dat in de cao of arbeidsovereenkomst staat.

Voorwaarden voor een 13e maand of eindejaarsuitkering

U mag geen medewerkers uitsluiten van de dertiende maand of eindejaarsuitkering. Dat volgt uit de regels voor gelijke behandeling op het werk. U mag de extra beloning dus niet alleen uitkeren aan medewerkers met een vast contract. Ook werknemers met een tijdelijk contract of oproepcontract hebben recht op een dertiende maand of eindejaarsuitkering. Werknemers die ontslag hebben genomen, hebben recht op een deel van de dertiende maand of eindejaarsuitkering in het jaar van ontslag.

13e maand of eindejaarsuitkering berekenen

De 13e maand of eindejaarsuitkering komen bovenop het reguliere loon. Beide worden belast volgens een speciale tabel voor bijzondere beloningen. De dertiende maand en eindejaarsuitkering vallen buiten pensioenregelingen. Er wordt geen pensioenpremie op ingehouden. Kijk bij de Belastingdienst voor het berekenen van de 13e maand of eindejaarsuitkering met de tabel voor bijzondere beloningen.

Uitbetalen dertiende maand of eindejaarsuitkering

De meeste werknemers ontvangen hun extra beloning in december. Bij het ontslag van een werknemer kunt u op een ander moment uitbetalen. U neemt de 13e maand of eindejaarsuitkering dan mee in de eindafrekening.

Werknemer met schulden of loonbeslag

Een werknemer met geldproblemen heeft impact op uw bedrijf. Zorgen over schulden kunnen leiden tot productiviteitsverlies en ziekteverzuim. Misschien leggen schuldeisers  beslag op het salaris van uw werknemer. Dat heet loonbeslag of 'derdenbeslag'. Als werkgever moet u daaraan meewerken. En een bedrag inhouden op het salaris van uw medewerker. U kunt dan met de deurwaarder te maken krijgen. Pak signalen van geldzorgen bij personeel daarom tijdig op.

Herken personeel met schulden

Werknemers met schulden verzwijgen vaak hun problemen. Ze gebruiken hun energie om zo normaal mogelijk te doen op het werk. Toch zijn er signalen die erop kunnen wijzen dat een werknemer geldproblemen heeft. Bijvoorbeeld:

  • stress
  • concentratieverlies
  • regelmatig kort ziekteverzuim
  • vragen om een voorschot op het salaris of vakantiegeld
  • niet meedoen aan sociale activiteiten

Soms zijn grote levensgebeurtenissen de oorzaak van financiële problemen. Denk aan een scheiding of het overlijden van een partner. Herken problemen door schulden in een vroeg stadium en bespreek het met uw werknemer. Iemand die zich tijdig bij de schuldhulpverlening meldt, kan zijn problemen sneller oplossen.

Gebruik de Signaaltool financiële problemen

Met deze tool herkent u snel signalen die erop kunnen wijzen dat een medewerker worstelt met schulden.

Wijs uw werknemer op hulp bij schulden

Zijn er betalingsachterstanden of financiële problemen? Wijs uw werknemer dan op de webpagina Hoe kom ik van mijn schulden af. Daar leest hij welke hulp hij kan krijgen als hij moeite heeft om zijn rekeningen te betalen. En wat de regels zijn bij betalingsproblemen of schulden. Bekijk ook de tips als u zelf uw werknemer wilt helpen bij het regelen van zijn schulden.

Gemeente helpt werknemer bij schuldhulpverlening

Het eerste aanspreekpunt bij schulden is de eigen gemeente. Binnen 4 weken na aanvraag laat de gemeente weten of iemand in aanmerking komt voor hulp en welke hulp dat is. Bij een dreigende situatie moet de gemeente binnen 3 dagen helpen. Bijvoorbeeld als uw werknemer uit huis wordt gezet. Er zijn verschillende soorten schuldhulpverlening:

  • Schuldeisers werken vrijwillig mee aan een schuldregeling: dit heet minnelijk traject schuldhulpverlening.
  • Uw werknemer vraagt schuldsanering aan bij de rechter: dit is een traject via de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP).

Steeds meer gemeenten werken ook samen met woningcorporaties, zorgverzekeraars en energie- en drinkwaterbedrijven om zo vroeg mogelijk hulp te kunnen bieden aan mensen met betaalachterstanden op vaste lasten.

Werk mee aan loonbeslag: u bent dit verplicht

Schuldeisers kunnen een gerechtsdeurwaarder inschakelen om uw werknemer te dwingen zijn schulden te betalen. De deurwaarder kan beslag leggen op een deel van zijn inkomen: het loonbeslag. Hij mag dat alleen met een dwangbevel of een vonnis van de rechter. Een aantal overheidsinstanties kan beslag leggen zonder tussenkomst van de rechter. Zij hebben bijzondere incassobevoegdheden (pdf). Bijvoorbeeld:

  • De Belastingdienst voor het innen van achterstallige betalingen.
  • Het CAK voor het innen van de bestuursrechtelijke zorgpremie.

Een incassobureau of een schuldeiser mogen zelf geen loonbeslag leggen. Loonbeslag is geen geldige reden voor ontslag. En u mag geen kosten in rekening brengen bij uw werknemer voor een loonbeslag.

Belangrijke stappen bij een loonbeslag:

  1.  U ontvangt van de deurwaarder een beslagexploot en checkt dit met uw werknemer.
  2.  U vult de financiële vragenlijst van de deurwaarder in.
  3.  U controleert met uw werknemer het bedrag dat hij nog krijgt: de beslagvrije voet.
  4.  U maakt de juiste bedragen van het loon over aan de deurwaarder en aan uw werknemer.

1. Ontvangst en controle van het beslagexploot

Bij loonbeslag ontvangt u van de deurwaarder een kopie van het vonnis. Ook krijgt u een beslagexploot. Dit is een officieel document waarin staat dat de deurwaarder loonbeslag legt. Controleer met uw werknemer of het schuldbedrag in het beslagexploot klopt.

2. Vul de financiële vragenlijst in: u bent dit verplicht

Bij het beslagexploot zit een lijst met vragen over het inkomen van uw werknemer. Vul deze verklaring in en stuur die ondertekend binnen 4 weken terug. Let op: doet u dit niet, dan bent u mogelijk aansprakelijk voor de schuld van uw werknemer. Krijgt u te maken met meerdere loonbeslagen voor een werknemer? Vul dan alle financiële vragenlijsten in die u ontvangt. De deurwaarder die als eerste beslag legt, moet alle beslagen verwerken. U verwijst dus de tweede en volgende deurwaarders naar hem.

3. Controleer de beslagvrije voet

Met uw informatie uit de financiële vragenlijst berekent de gerechtsdeurwaarder de beslagvrije voet. Dat is het deel van het loon dat uw werknemer mag houden voor levensonderhoud en vaste lasten. Een deurwaarder kan dus nooit beslag leggen op het volledige salaris. Ga samen met uw werknemer na of de beslagvrije voet klopt. Een te lage beslagvrije voet leidt vaak tot nog grotere betalingsproblemen. Raad uw werknemer aan om bezwaar te maken tegen het loonbeslag als de inhouding te hoog is vastgesteld. Voor juridisch advies kan hij terecht bij Het Juridisch Loket.

4. Maak de juiste bedragen van het loon over

Uw salarisadministratie moet weten dat er sprake is van loonbeslag. Uw werknemer kan niet meer zelf over zijn volledige salaris beschikken. U maakt de beslagvrije voet aan hem over. Het bedrag dat daarna overblijft is voor de schuldeisers. Dat bedrag draagt u af aan de deurwaarder. En eventueel aan de overheidsinstanties die u verplichten tot inhoudingen. U blijft dit doen totdat u officieel het bericht krijgt dat de schulden van uw werknemer zijn voldaan. Pas dan mag u stoppen.

Sommige overheidsorganisaties gaan voor andere schuldeisers

Vorderingen van bepaalde overheidsorganisaties krijgen voorrang boven andere schuldeisers. Bijvoorbeeld de Belastingdienst en het UWV. Zij hebben een ‘preferente vordering’.

Denk aan de privacy van uw werknemer

Bij loonbeslag krijgt u te maken met gevoelige persoonlijke informatie. Bewaar de documenten over het loonbeslag van uw werknemer daarom afgeschermd in uw (salaris)administratie. Krijgt u officieel bericht dat het loonbeslag is opgeheven? Dan vernietigt u alle documenten (pdf) hierover. U hoeft zich bij een loonbeslag niet te houden aan de bewaarplicht van 5 of 7 jaar.

Doe aan preventie

Als goed werkgever kunt u een bijdrage leveren aan het voorkomen van schulden bij uw werknemers. Door tijdig informatie te geven maakt u financiële problemen makkelijker bespreekbaar. Laat bijvoorbeeld een budgetcoach een workshop geven. En maak een flyer (pdf) of een onlinedocument voor uw personeel over loonbeslag. Dan weet iedereen in uw bedrijf hoe u daarmee omgaat. Lees alle tips op www.financieelfittewerknemers.nl.

Een stagiair aannemen

Stagiairs zijn leerlingen of studenten die werken in uw bedrijf als onderdeel van hun opleiding. Wilt u een stagiair aannemen? Met deze checklist weet u wat u moet regelen en welke plichten u heeft.

1. Word een erkend leerbedrijf: alleen voor mbo-stages


Als u een mbo-leerling bij u stage wilt laten lopen, moet u een erkend leerbedrijf zijn. Voor een stage door een hbo- of wo-student hoeft dat niet. De erkenning vraagt u aan bij de Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Een erkenning als leerbedrijf is 4 jaar geldig. 

Een erkenning als leerbedrijf is ook nodig voor vmbo-leerling


Als u een vmbo-leerling in een leerwerktraject gaat begeleiden, moet u een erkend leerbedrijf zijn. Dat geldt ook voor stagiairs met een beperking uit het voortgezet speciaal onderwijs of het praktijkonderwijs.

2. Laat weten dat u een stageplek beschikbaar heeft


Bied uw stageplek aan op Stagemarkt van de SBB. En meld uw bedrijf aan bij uw gemeente voor Startersbeurs Nederland. U kunt uw stageplek ook delen op social media.

3. Zorg dat u een verantwoordelijk en professioneel stagebedrijf bent


Om een stagiair aan te nemen, heeft u een aantal plichten.

  • U zorgt voor voldoende werk dat aansluit op de opleiding van de stagiair
  • U bent verantwoordelijk voor wat de stagiair onder werktijd doet. Daarom moet u bijvoorbeeld zorgen voor goede arbeidsomstandigheden. Maar denk ook aan toezien op werktijden en gelijke behandeling.
  • U begeleidt de stagiair intensief. Een stagiair is geen goedkope werknemer, maar iemand die zich bij uw bedrijf bepaalde vaardigheden moet ontwikkelen. 

Voor sommige buitenlandse stagiairs gelden extra regels


Lees meer op Stageplaats of leerbaan aanbieden.

4. Regel een aansprakelijkheidsverzekering


Check uw aansprakelijkheidsverzekering, of zorg dat u er een afsluit. Want als werkgever bent u verantwoordelijk voor schade die de stagiair veroorzaakt of zelf oploopt.  

5. Leg afspraken vast in een stagecontract


Zorg voor duidelijke afspraken met een stageovereenkomst of stagecontract. Daarin staat bijvoorbeeld:

  • gegevens van de stagiair, het opleidingsinstituut en uw bedrijf
  • duur van de stage
  • leerdoelen en begeleiding
  • stagewerkzaamheden
  • eventuele stagevergoeding
  • wie aansprakelijk is bij schade
  • omgang met bijvoorbeeld een laptop of telefoon van de zaak
  • wanneer u en de stagiair het contract mogen beëindigen

Een stagecontract is niet hetzelfde als een gewone arbeidsovereenkomst

Met een arbeidsovereenkomst zou een stagiair bij u in dienst zijn. En dezelfde plichten en rechten hebben als een gewone werknemer. U moet dan het minimumloon of cao-loon betalen. En daarop loonheffingen inhouden, waaronder de premies voor alle werknemersverzekeringen.

6. Bepaal de stagevergoeding 

U bent niet verplicht om uw stagiair een stagevergoeding te betalen. Behalve als het in de cao staat, die voor uw bedrijf geldt. Toch is een stagevergoeding tegenwoordig gebruikelijk. Hoe hoog die is, bepaalt u zelf. Het hangt bijvoorbeeld af van opleidingsniveau, werkervaring en het studiejaar waarin uw stagiair zit. 

Met een stagevergoeding is uw stagiair verzekerd voor Wajong en Ziektewet

Betaalt u uw stagiair een stagevergoeding? Dan is hij verzekerd voor de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en Ziektewet. U betaalt daarvoor geen premies werknemersverzekeringen. Ook hoeft u geen loon door te betalen bij ziekte.

7. Check of u recht heeft op subsidie 

Omdat u een stageplek aanbiedt, kunt u misschien de subsidie praktijkleren van de overheid krijgen. Dat is een tegemoetkoming in de kosten die u maakt voor de stagebegeleiding. Check of u daar recht op heeft.

Stagiair aannemen als zzp’er


Ook als u zzp’er bent, kunt u een stagiair aannemen. Net als voor een ander bedrijf, gelden de punten uit de checklist ook voor u. En u moet aan de eisen van opleidingen kunnen voldoen. Bijvoorbeeld een werkplek bieden. En de tijd hebben om iemand intensief te begeleiden. Sommige opleidingsinstituten laten hun stagiairs bij zzp’ers stagelopen. Andere scholen en universiteiten geven de voorkeur aan grotere organisaties.

Feiten en cijfers: stagiairs

De grafiek toont het aantal stagiairs per jaar.

Juridisch

Statuten opstellen, wijzigen en opvragen

Wanneer u een rechtspersoon opricht, moet u statuten opstellen. Statuten zijn een soort handboek waarin u beschrijft welke procedures er in uw organisatie gelden, wie verantwoordelijk is voor welke zaken. En welke doelstellingen u heeft met uw rechtspersoon.

Waarom heeft u statuten nodig?

Statuten opstellen is een wettelijke verplichting bij de oprichting van een rechtspersoon. Statuten zijn de basis voor uw organisatie. Hierin staan de interne regels en afspraken van de rechtspersoon. Bijvoorbeeld: in de statuten staat hoe de bestuurders worden benoemd. Als er ooit onduidelijkheid is over hoe uw organisatie moet handelen, dan leest u in de statuten wat u moet doen. En welke gevolgen dat heeft. U legt statuten vast bij een notaris. Als u de statuten verandert, moet u dat ook vastleggen bij de notaris. Dit is wettelijk verplicht. Statuten wijzigen of vastleggen bij de notaris kost geld.

Statuten deponeren bij KVK

Nadat u de statuten heeft beschreven, stelt de notaris ze vast. Hij maakt de oprichtingsakte met daarin de statuten. Meestal geeft de notaris de statuten digitaal op bij KVK. Hij deponeert de statuten. Wijzigingen in de statuten lopen ook via de notaris. Hij dient de wijzigingen in bij KVK. Op deze manier kunnen u en anderen de statuten opvragen bij KVK. De statuten zijn openbaar. Anders kunnen u en derden er geen beroep doen.

Wat staat er in de statuten?

Wat u in de statuten zet, verschilt per rechtsvorm die u heeft gekozen.

Bv en nv

  • Naam van de bv of nv
  • Vestigingsplaats
  • Omschrijving van de werkzaamheden
  • Doel van de bv of nv
  • De waarde van de aandelen
  • Manier van benoeming van de bestuurders
  • Bevoegdheden van de verschillende organisatieonderdelen
  • Manier van vergaderen
  • Manier van overdragen van aandelen

Stichting

  • Naam van de stichting
  • Vestigingsplaats
  • Doel van de stichting
  • Manier van benoeming en ontslag van bestuurders
  • Waar het geld naartoe gaat als de stichting wordt opgeheven

Vereniging (met volledige rechtsbevoegdheid)

  • Naam van de vereniging
  • Vestigingsplaats
  • Doel van de vereniging
  • Verplichtingen van de leden tegenover de vereniging
  • Manier van bijeenroepen van Algemene Ledenvergadering
  • Bestemming van het eigen vermogen van de vereniging als de vereniging stopt

Andere rechtsvormen

Andere rechtsvormen zoals de coöperatie en de onderlinge waarborgmaatschappij hebben ook statuten. Rechtsvormen die geen rechtspersoonlijkheid hebben (zoals de eenmanszaak en vof), hebben geen statuten.

Huishoudelijk reglement of aandeelhoudersovereenkomst

Naast statuten kunt u ook een huishoudelijk reglement of aandeelhoudersovereenkomst (bij een bv) maken. Daarin regelt u de praktische, dagelijkse zaken binnen de rechtspersoon. Bijvoorbeeld afspraken over het bijhouden van de financiële administratie of regels op het gebied van kleding. Het is een aanvulling op de statuten. Als het huishoudelijk reglement iets anders zegt dan de statuten, dan geldt wat in de statuten staat. Als u het huishoudelijk reglement verandert, hoeft u hiervoor niet naar de notaris. Het huishoudelijk reglement is niet openbaar.

Homologatie bij faillissementen wordt mogelijk

Ingangsdatum: 1 juli 2020

Wat verandert er?

De Faillissementswet wordt aangepast. Als uw bedrijf in financiële problemen is, kunt u een akkoord sluiten met uw schuldeisers. De rechtbank kan overgaan tot homologatie (bevestiging) van dit akkoord. Schuldeisers of aandeelhouders die niet met het akkoord instemmen, kunnen toch aan het akkoord worden gebonden.

  • Ook buiten faillissement wordt een dwangakkoord mogelijk. Ondersteunt de grote meerderheid van de schuldeisers een doorstart? Dan kan een enkele of een minderheid van schuldeisers of aandeelhouders deze doorstart niet tegenhouden.
  • U mag als ondernemer in financiële moeilijkheden een akkoord sluiten met schuldeisers om daarmee problematische schulden te herstructureren. De rechter kan deze overeenkomst goedkeuren (homologatie).

Voor wie?

  • ondernemingen in financiële moeilijkheden

Wanneer?

De Wet homologatie onderhands akkoord in faillissement (WHOA) gaat naar verwachting in op 1 juli 2020.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Wet zorgplicht kinderarbeid

Ingangsdatum: 1 januari 2020

Wat verandert er?

Verkoopt u goederen of diensten? U moet voorkomen dat u goederen of diensten verkoopt die met behulp van kinderarbeid zijn gemaakt.

U moet verklaren dat u het nodige doet om kinderarbeid te voorkomen.

Is er een klacht over uw bedrijf? En blijkt na een controle dat uw bedrijf niet genoeg doet? Dan kunt u bestuurlijke boete krijgen. Bestuurders van bedrijven die meerdere boetes hebben gekregen, kunnen strafrechtelijk worden vervolgd.

Voor wie?

  • alle bedrijven die fysiek in Nederland goederen en diensten verkopen
  • bedrijven die in Nederland gevestigd zijn en hun goederen en/of diensten online verkopen en zich daarbij (ook) richten op de Nederlandse markt
  • bedrijven die online verkopen en zich expliciet richten op de Nederlandse markt

Wanneer?

De Wet zorgplicht kinderarbeid gaat naar verwachting in op 1 januari 2020.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Mogelijk nieuwe rechtsvorm sociaal ondernemen

Wat verandert er?

Heeft uw bedrijf een sociaal of maatschappelijk doel? De regelgeving en het speelveld voor ondernemingen met sociale of maatschappelijke doelen wordt verbeterd. Er komt mogelijk een nieuwe rechtsvorm voor deze bedrijven.

Sociale ondernemingen spelen een rol bij het aanpakken van maatschappelijke vraagstukken op het terrein van bijvoorbeeld energie en klimaat, zorg, onderwijs en veiligheid in binnen- en buitenland. Sociaal ondernemers kunnen op dit moment voor dezelfde (rechts)vormen kiezen als elke andere ondernemer. Het kabinet gaat de introductie van mogelijk nieuwe vormen, zoals een bv-m, onderzoeken.

De Code Sociaal Ondernemen wordt mogelijk in een wet vastgelegd.

Voor wie?

  • sociaal ondernemers

Wanneer?

Wanneer de wijziging ingaat, is nog niet bekend.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Limited Liability Partnership (LLP)

Als u een bedrijf start moet u een rechtsvorm kiezen. Start u samen met anderen een bedrijf dan is een vennootschap onder firma (vof) een optie. Of u kunt samenwerken in een maatschap. Ook kunt u een LLP overwegen, een rechtsvorm afkomstig uit Engeland die in Nederland erkend wordt.

Wat is een LLP?

Limited Liability Partnership (LLP) is een Engelse rechtsvorm die te vergelijken is met de Nederlandse vof en maatschap: een samenwerkingsverband tussen minimaal twee (rechts)personen. Met een LLP heeft u recht op startersaftrek, zelfstandigenaftrek en mkb-winstvrijstelling. Daarnaast zorgt de LLP voor beperkte aansprakelijkheid. Nederland heeft geen rechtsvorm die deze eigenschappen combineert. Maar de LLP wordt in ons land wel volledig erkend.

Alternatief voor vof of maatschap

Een LLP kan een goede rechtsvorm zijn voor kleine ondernemers. Of als alternatief voor de maatschap, een rechtsvorm waar vrije beroepsbeoefenaars vaak voor kiezen. U oefent uw beroep zelfstandig uit, voor eigen risico en rekening. De beperkte aansprakelijkheid kan voor u een voordeel zijn.

Waarom kiezen voor een LLP

Beperkte aansprakelijkheid

In een maatschap is iedere deelnemer (maat) voor gelijke delen aansprakelijk voor de schulden van de maatschap. Als partner van een LLP bent u niet zelf aansprakelijk voor eventuele schulden. Tenzij er sprake is van onbehoorlijk bestuur. De aansprakelijkheid ligt bij de LLP zelf, net als bij een bv.

Fiscale voordelen

De LLP is ‘fiscaal transparant’. Dat betekent dat de inkomstenbelasting geïnd wordt bij u als partner en niet bij de LLP zelf. U heeft recht op (belasting)voordelen, zoals startersaftrek, zelfstandigenaftrek en de mkb-winstvrijstelling van 14% van de winst.

Om in aanmerking te komen voor fiscale aftrek, moet u ´ondernemer´ zijn voor de Belastingdienst. Én u moet een vrije beroepsbeoefenaar zijn. Leg uw situatie vooraf voor aan de Belastingdienst, zodat u niet voor verrassingen komt te staan.

Nadelen van de LLP

LLP is een Engelse rechtsvorm. De regels en formele verplichtingen rond de oprichting, het bestuur, aansprakelijkheid en beëindiging vallen onder het Engelse recht. Gaat er op dat vlak iets mis dan moet u in Engeland naar de rechtbank gaan. Ander onheil, zoals een faillissement of een conflict tussen de partners, valt onder het Nederlands recht.

Onbekend maakt onbemind. Het imago van een buitenlandse rechtspersoon kan minder positieve gevoelens oproepen.

Het oprichten van de LLP brengt verplichtingen en kosten met zich mee, die jaarlijks terugkomen:

  • inschrijving en de jaarlijkse instandhouding van de LLP in het Britse handelsregister
  • opstellen en deponeren van de jaarrekening (de annual accounts)
  • jaarlijks indienen van een overzicht van de partners (de annual return)
  • eventuele beheerkosten, als u zich heeft laten bijstaan door bemiddelaars

Een LLP oprichten, hoe werkt dat?

Schrijf uw LLP in bij het Britse handelsregister

De LLP is een Engelse rechtsvorm, dat betekent dat u de oprichting administratief in Engeland moet regelen. U doet dit via een Britse notaris. U dient een incorporation document in, dat wordt ingeschreven in het Britse handelsregister. Uw LLP moet in Engeland een officieel statutair adres hebben, het registered office. Dit postadres wordt meestal verzorgd door een intermediair.

Of u kunt ervoor kiezen een bemiddelaar in te zetten, die alles voor u regelt.

Schrijf uw LLP in bij KVK

Na de oprichting in Engeland moet u de LLP inschrijven bij KVK. Daarvoor heeft u nodig:

  • een oprichtingsbewijs (Certificate of Incorporation)
  • een oprichtingsovereenkomst (LLIN01)
  • een uittreksel van het Britse handelsregister (Current Appointments Report)
  • een ingevuld KVK-registratieformulier voor een buitenlandse onderneming

Partners en designated partners

U kunt een LLP oprichten als u met minimaal twee personen bent, de zogenaamde partners. Er zijn ‘gewone’ partners en designated partners. De designated partners zijn onder andere verantwoordelijk voor de financiële verslaglegging van de LLP en het indienen van de jaarrekening. Elke LLP heeft minimaal twee designated partners. Het maximaal aantal partners waaruit een LLP mag bestaan is niet vastgelegd.

Als uw werkzaamheden zich in Nederland afspelen, dan hoeft de LLP geen belasting in Engeland te betalen. Wel moet u binnen 9 maanden na de jaarafsluiting een jaarrekening sturen naar het Britse handelsregister.

Laat u goed informeren

Het is belangrijk om u goed te laten informeren en begeleiden bij het oprichten van een LLP. Een LLP oprichten doet u daarom meestal niet zelf. Er zijn verschillende adviesbureaus en financiële adviseurs die tegen betaling een LLP voor u kunnen oprichten. En u op fiscaal en juridisch vlak kunnen bijstaan. Dat kost u gemiddeld €500. Na de oprichting kunt u de LLP zelf inschrijven bij KVK.

Invloed Brexit

De gevolgen van een Brexit voor de LLP zijn nog niet duidelijk. Bijvoorbeeld of de Wet op Formeel Buitenlandse Vennootschappen al dan niet van toepassing zal zijn. Dat hangt af van de onderhandelingen, en de nieuwe afspraken rond internationale betrekkingen tussen de EU en Groot-Brittannië.

LLP ten opzichte van Nederlandse rechtsvormen

  • LLP is net als de bv een rechtspersoon.
  • Eventuele schulden en aansprakelijkheid zijn, net als bij de bv, voor de LLP. De partners zijn niet zelf aansprakelijk.
  • Start u een bv dan heeft u geen recht op fiscale voordelen, zoals startersaftrek en zelfstandigenaftrek. Dat heeft u wel als u een LLP of vof opricht.
  • Op de bv is de gebruikelijkloonregeling (ook wel dga-loon) van toepassing. Dat geldt niet voor de LLP. U hoeft als partner van de LLP geen (eventueel belastbare) vergoeding te ontvangen voor arbeid. En u hoeft geen kapitaal in te brengen.
  • De vof is net als de LLP een samenwerkingsverband tussen meerdere personen. Binnen de vof zijn de vennoten zelf aansprakelijk. Bij een LLP is dat niet zo. Tenzij er sprake is van onbehoorlijk bestuur.
  • Ook in een maatschap zijn deelnemers zelf aansprakelijk. Maakt een van de ‘maten’ een fout dan zijn alle deelnemers voor gelijke delen aansprakelijk.
Faillissement rechtspersoon

Gaat uw bedrijf met rechtspersoon failliet? Bijvoorbeeld een bv of nv? Dan hoeft u (rest)schulden uit uw bedrijf niet met uw privévermogen te betalen. Er zijn een paar uitzonderingen, bijvoorbeeld als u zich als bestuurder slecht heeft gedragen.

Afhankelijk van de rechtsvorm van uw bedrijf bent u met uw privévermogen aansprakelijk voor bedrijfsschulden. Er zijn rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid en rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid. Bij een rechtsvorm zonder rechtspersoonlijkheid bent u met uw privévermogen aansprakelijk. Dit is bij een rechtsvorm met rechtspersoonlijkheid meestal niet het geval.

Met privévermogen aansprakelijk?

Een rechtspersoon - zoals een bv, nv of coöperatie - kan failliet gaan. Net zoals een eenmanszaak of vof. Als bestuurder van een rechtspersoon bent u niet persoonlijk aansprakelijk voor schulden van uw bedrijf. Tenzij er voorafgaand aan het faillissement aantoonbaar sprake is van onbehoorlijk bestuur. Voorbeelden van onbehoorlijk bestuur, zijn:

  • fraude, bijvoorbeeld valsheid in geschrifte
  • onnodig grote financiële risico’s nemen
  • zonder goede voorbereiding beslissingen nemen, die grote financiële gevolgen hebben
  • niet op tijd belastingen of sociale premies betalen, en dit niet op tijd melden bij de Belastingdienst

Heeft u als bestuurder getekend voor hoofdelijke aansprakelijkheid bij overeenkomsten namens uw bedrijf? Of heeft u getekend voor persoonlijke borgstelling? Dan heeft dat gevolgen voor uw privésituatie: u bent dan voor dat deel met uw privévermogen aansprakelijk.

Aandeelhouders lopen alleen risico met de waarde die ze in de onderneming stopten in de vorm van aandelen. Op enkele uitzonderingen na, bijvoorbeeld als u als aandeelhouder veel invloed op het beleid van de rechtspersoon had of u zich als bestuurder opstelde.

Faillissement aanvragen

Het faillissement van uw bedrijf kan aangevraagd worden door:

  • Uzelf als bestuurder. U kunt bij de rechtbank het faillissement aanvragen als dit in een aandeelhoudersvergadering is besloten. Dit doet u met een verzoekschrift. U hoeft hiervoor geen advocaat in te schakelen.
  • Een aandeelhouder. Bijvoorbeeld omdat hij buiten de aandelen om een lening aan het bedrijf heeft gegeven.
  • Uw schuldeisers. Dit moeten er minimaal twee zijn. Hun faillissementsaanvraag moet via een advocaat.
  • Het Openbaar Ministerie, vanwege het openbaar belang. Bijvoorbeeld als er veel gedupeerden zijn.
  • De rechtbank, als u uw schulden niet betaalt.

Vraagt u als aandeelhouder faillissement aan omdat u nog geld van de rechtspersoon krijgt? Afhankelijk van de reden van de lening die u gaf, kunt u voor dit bedrag op gelijke voet worden gesteld met andere schuldeisers. Hierdoor heeft u in vergelijking met de andere aandeelhouders een voordeel bij een eventuele uitkering uit het faillissement. Normaal staan aandeelhouders achteraan in de rij bij een eventuele uitkering.

Failliet verklaard

Wordt uw bedrijf failliet verklaard? Dan benoemt de rechtbank meteen een curator en een rechter-commissaris.

Curator

U blijft tijdens het faillissement nog wel bestuurder, maar u mag geen beslissingen meer nemen en betalingen doen. Faillissement betekent beslag op het hele bedrijfsvermogen. De curator zorgt voor de verkoop van de bedrijfsbezittingen. De opbrengst wordt verdeeld over de schuldeisers. De curator krijgt ook een deel van de opbrengst. De verdeling gebeurt op een wettelijke voorgeschreven manier. Blijft er dan nog wat over? Dan wordt dat verdeeld over de aandeelhouders.

U moet de curator:

  • medewerking geven
  • informatie geven over het bedrijf
  • informatie geven over de bezittingen van het bedrijf (activa)

Rechter-commissaris

De rechter-commissaris houdt toezicht op het werk van de curator.

Niet eens met faillissement?

Bent u het niet eens met het uitgesproken faillissement? Bent u bij de zitting geweest dan kunt u met hulp van een advocaat binnen 8 dagen in hoger beroep bij het gerechtshof. Was u niet bij de zitting aanwezig, dan kunt u met hulp van een advocaat binnen 14 dagen verzet indienen bij de rechtbank.

Surséance van betaling

Als uw bedrijf nog te redden valt, kunt u uitstel van betaling aanvragen. Officieel heet dit surseance van betaling. Dit doet u via een advocaat bij de rechtbank. Als de rechtbank uw aanvraag goedkeurt, krijgt u uitstel van betaling. Meestal voor een periode van anderhalf jaar. Zo heeft u tijd om de boel weer op de rit te krijgen en voorkomt u misschien een faillissement. Samen met een bewindvoerder wordt gekeken hoe uw bedrijf verder kan gaan.

Bewindvoerder

De rechter stelt de bewindvoerder aan. De bewindvoerder geeft u advies en helpt u bij de onderhandelingen met schuldeisers. Hij beheert samen met u uw bedrijfsvermogen. De bewindvoerder moet al uw beslissingen goedkeuren, bijvoorbeeld als u geld wilt uitgeven.

Kapitaal

Vrijstelling assurantiebelasting voor verzekering loondoorbetaling

Ingangsdatum: 1 januari 2020

Ingangsdatum: 1 januari 2020

Wat verandert er?

Er komt een vrijstelling van assurantiebelasting voor werkgevers. De vrijstelling geldt voor ondernemers met een verzekering die het doorbetalen van loon aan zieke werknemers dekt. U hoeft als ondernemer voor deze verzekering geen assurantiebelasting te betalen.

Voor wie?

  • Ondernemers met personeel

Wanneer?

De wijziging gaat naar verwachting in op 1 januari 2020.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Overzicht Prinsjesdag 2019

Ondernemersplein geeft u een overzicht van maatregelen die gevolgen hebben voor u als zzp’er, mkb’er of andere ondernemer. Ga naar het overzicht Prinsjesdag 2019

GlobalStars

Let op: gesloten

Ontwikkelt u technologie voor nieuwe producten, processen of diensten? Werkt u daarbij samen met andere bedrijven en organisaties buiten Europa? Dan komt u misschien in aanmerking voor de subsidie GlobalStars.

GlobalStars helpt het Nederlandse bedrijfsleven en onderzoeksorganisaties bij Research & development (R&D) met partners uit innovatieve economieën buiten Europa. Het doel is economische groei en oplossingen voor economische, strategische en maatschappelijke vraagstukken.

Wanneer komt u in aanmerking?

U moet een gezamenlijk projectvoorstel indienen met 1 of meer organisaties uit de landen:

  • Signapore
  • India (gezondheid)
  • Brazilië
  • Taiwan (fotonica)

De landen, regio’s en onderwerpen worden van tevoren vastgesteld.

Hoe kunt u aanvragen?

De procedures die u moet volgen, kunnen verschillen per oproep. Voor meer informatie over GlobalStars kunt u contact opnemen met RVO.nl via teamiris@rvo.nl Een aanvraag indienen voor deze subsidie is niet meer mogelijk.

Subsidies en regelingen
MKB Lounge

Brancheorganisaties in het MKB kunnen in aanmerking komen voor het subsidieprogramma MKB Lounge. Met deze subsidie kan de brancheorganisatie een Holland Lounge maken op een internationale vakbeurs. Daar kunnen verschillende Nederlandse bedrijven uit die branche zich presenteren. Het doel van MKB Lounge is om Nederlandse bedrijven kennis te laten maken met nieuwe markten.

Wanneer komt u in aanmerking?

Wilt u in aanmerking komen voor MKB Lounge? Dan moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • U bent een brancheorganisatie (een bundeling van meerdere bedrijven uit 1 branche).
  • U heeft een internationaliseringsstrategie voor uw leden.
  • U staat open voor dienstverlening aan niet-leden onder dezelfde voorwaarden als aan eigen leden.
  • U voert als brancheorganisatie de subsidieaanvraag uit.
  • De subsidieaanvraag is een onderdeel van een internationale meerjarenstrategie.
  • U heeft een matchmakingprogramma.
  • Er doen ten minste 10 bedrijven mee aan de subsidieaanvraag.
  • Alle bedrijven uit uw branche kunnen zich inschrijven.
  • Waar nodig past u de eisen van Holland Branding toe.

Wilt u meer weten over de voorwaarden? Neemt u dan contact op met RVO.nl.

Hoe kunt u zich aanmelden?

U vraagt subsidie aan met het online webformulier via mijnrvo.nl. Daar staat ook welke bijlagen u meestuurt bij uw aanvraag.Aanvragen kan tot en met 10 december 2019.

Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden

Bent u een zorgaanbieder en geeft u medisch noodzakelijke zorg aan een onverzekerde patiënt? Of is het niet duidelijk of de patiënt verzekerd is? Dan kunt u subsidie krijgen voor spoedeisende zorg én niet-spoedeisende zorg.

Wanneer komt u in aanmerking?

Hoe kunt u aanvragen?

U vraagt de subsidie medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden aan bij het CAK.

Uw bedrijf verkopen

U wilt uw bedrijf verkopen. Stel dan een verkoopmemorandum op. Hierin staat de waarde van uw bedrijf. Maar ook andere gegevens. Bescherm die gegevens door mogelijke kopers een geheimhoudingsverklaring te laten tekenen. U moet namelijk alles op tafel leggen, want u heeft mededelingsplicht. Ook moet u bij KVK en de Belastingdienst melden dat u stopt met uw bedrijf.

Zoek een verkoopadviseur

Het verkopen van uw bedrijf is een ingewikkeld proces. Laat u daarom begeleiden door een verkoopadviseur.

Waardebepaling: wat is uw bedrijf waard?

Stel hiervoor een verkoopmemorandum op. Hierin staat uitgebreide bedrijfsinformatie. Zoals de vraagprijs en hoe die is bepaald. Hiermee kunt u aan de koper laten zien wat u verkoopt. Denk aan:

  • Bedrijfsruimte. Bij een huurpand moet u toestemming hebben van de verhuurder. Het beëindigen en afsluiten van een hypotheek regelt u via de bank.
  • Intellectuele eigendomsrechten. Bijvoorbeeld handelsnamen, auteursrechten, modelrechten, merkrechten en octrooirechten.
  • Lopende rechtszaken, productaansprakelijkheid en verleende garanties.
  • Lopende contracten, telefoonnummers en abonnementen.

De waarde van uw bedrijf bestaat trouwens niet alleen uit tastbare bezittingen. Ook uw goodwill heeft invloed op de waarde van uw bedrijf. Wilt u advies? Vraag dan een financieel deskundige om de waarde te bepalen van uw onderneming.

U kunt een bv op twee manieren verkopen

U kunt kiezen voor aandelenoverdracht. Dan verkoopt u alles wat eigendom is van de onderneming. Kiest u ervoor alleen de bezittingen en schulden, oftewel uw activa en passiva, te verkopen? Dan maakt u met de koper afspraken over wat u wel of niet verkoopt.

Stel een geheimhoudingsverklaring op

In het verkoopmemorandum en tijdens verkoopgesprekken geeft u vertrouwelijke informatie over uw bedrijf. Om ervoor te zorgen dat deze informatie tussen u en de mogelijke koper blijft, kunt u hem vragen een geheimhoudingsverklaring te tekenen. Hierin staat bijvoorbeeld:

  • welke informatie geheim moet blijven
  • wie de informatie mag inzien
  • wat er gebeurt bij het niet naleven van de geheimhoudingsverklaring
  • voor welke periode de geheimhouding geldt

Leg afspraken vast in een intentieverklaring

Maak afspraken over de onderhandelingsprocedure. En leg deze vast in een intentieverklaring. Houd er rekening mee dat de afspraken in een intentieverklaring bindend zijn. Het niet naleven van de intentieverklaring heeft financiële gevolgen. Voor zowel u als voor de koper. Zodra uit de intentieverklaring blijkt dat er overeenstemming op hoofdlijnen is. Kunt u samen met de verkoper een voorlopig koopcontract opstellen.

Wat gebeurt er met uw personeel?

Heeft u personeel? Dan gaat meestal ook uw personeel mee met de verkoop van uw bedrijf. De koper mag niets veranderen aan hun rechten en plichten. Alle niet afgehandelde procedures gaan ook over op de koper. Bijvoorbeeld bij ontslag, ziekte of het aannemen van nieuwe medewerkers. Om de verkoopprijs positief te beïnvloeden kan het raadzaam zijn deze procedures af te ronden voordat u uw bedrijf overdraagt aan de nieuwe eigenaar.

U heeft een mededelingsplicht

De koper kan om een due diligence vragen. Dat is een boekenonderzoek. Zo’n onderzoek is bedoeld om te controleren of uw cijfers, prognoses en aannames kloppen. De koper krijgt zo meer inzicht in bijvoorbeeld klanten en contracten. U heeft een mededelingsplicht. Dit betekent dat u verplicht bent voldoende en juiste informatie te geven over uw bedrijf.

De definitieve koopovereenkomst tekenen

Samen met de koper stelt u de definitieve koopovereenkomst op. Toekomstige geschillen pakt u aan op basis van dit contract. In dit contract staat onder andere:

  • wat u overneemt. Denk aan onroerend goed, voorraad, inventaris of goodwill
  • de koopsom
  • betaalwijze
  • ontbindende voorwaarden
  • datum overdracht
  • of u betrokken blijft bij het bedrijf
  • garantiestellingen
  • personeelszaken
  • administratie
  • procedure van overdracht
  • concurrentiebeding

Aandelenoverdracht gaat via de notaris

Bij de verkoop van aandelen van een bv of nv, moet u een notaris inschakelen. De levering van de aandelen vindt namelijk plaats via een notariële akte. Bij de verkoop van een eenmanszaak, vof of activa-passiva van een bv, hoeft dat niet.

Meld de bedrijfsoverdracht bij KVK en de Belastingdienst

U moet KVK melden dat u uw bedrijf overdraagt en aan wie. Zo staat het bedrijf niet langer meer op uw naam. Zij melden de wijziging ook bij de Belastingdienst.

Wat u moet regelen met de Belastingdienst

Zodra KVK uw uitschrijving heeft doorgegeven, kan de Belastingdienst ook zaken met u afhandelen. Heeft u bijvoorbeeld een oudedagsreserve? Die heeft waarschijnlijk invloed op uw winst en dus op uw inkomstenbelasting. Wat u verder moet regelen met de Belastingdienst, hangt af van de rechtsvorm van uw bedrijf.

Eenmanszaak of vof

Als u een eenmanszaak verkoopt of uw aandeel in een vof overdraagt, moet u stakingswinst berekenen. Dit is het verschil tussen de boekwaarde van uw onderneming en de werkelijke waarde op het moment van overdracht. De stakingswinst maakt deel uit van uw inkomen in het jaar van de verkoop. U moet hierover dus inkomstenbelasting betalen. In sommige gevallen mag u wel eerst stakingsaftrek aftrekken van de stakingswinst. U betaalt dan minder belasting over de stakingswinst.

Bv of nv

Afhankelijk van de juridische structuur van uw onderneming krijgt u te maken met verschillende belastingen. Als u bijvoorbeeld een aanmerkelijk belang heeft en dus de aandelen privé verkoopt. Krijgt u vooral te maken met inkomstenbelasting als u met name onroerende zaken verkoopt, dan moet u overdrachtsbelasting betalen.

Financieringsmogelijkheden voor de koper

U kunt de koper helpen aan alternatieve financieringsmogelijkheden voor de overname van uw bedrijf. U blijft dan vaak nog enige tijd betrokken bij het bedrijf. Voorbeeld van deze financieringsmogelijkheden zijn:

  • een achtergestelde lening
  • winstrecht/earn-out
  • huurkoop
  • geleidelijke overname

Bereken geen btw over de verkoopprijs

Alle btw-regelingen die gelden voor uw bedrijf, gaan over op de koper. Ze zijn dus niet persoonlijk, maar bedrijfsafhankelijk. Wel blijft u zelf aansprakelijk voor btw-schulden tot het moment dat u uw bedrijf overdraagt.

Bewaar uw administratie

Ook na de verkoop moet u of de koper uw administratie nog minimaal 7 jaar bewaren. Dit mag digitaal. Maak hierover afspraken in de verkoopovereenkomst. Bij de verkoop van onroerend goed, zoals een bedrijfspand, geldt een bewaartermijn van 10 jaar.

Uitzonderingen bij verkoop aan familie

De overname van een familiebedrijf gaat hetzelfde als de overname van ieder ander bedrijf. Maar gaat het om een schenking of erfenis? Dan moet hierover belasting betaald worden. En u moet de Belastingdienst informeren.

Financiering voor de groei van uw bedrijf

U wilt uw bedrijf laten groeien met een nieuwe dienst of nieuw product en daarvoor heeft u financiering nodig. Maak dan als eerste een financieel plan. Dit heeft u nodig om een financiering te krijgen. Niet alleen bij een bank, maar ook van de overheid. Want ook de overheid biedt financiële mogelijkheden voor uw bedrijf. Dat kunnen subsidies, kredietgaranties en fiscale regelingen zijn.

Stel een financieel plan op

U heeft een financieel plan nodig om een financiering te krijgen. Dat geldt meestal ook voor het aanvragen van een subsidie of financiële regeling van de overheid. Maak daarom een investeringsbegroting. In deze begroting staat wat u totaal aan geld nodig heeft en waarvoor.

Check of er subsidies zijn voor uw bedrijf

De overheid heeft verschillende subsidies, cofinancieringen, garanties en fiscale regelingen voor ondernemers. Deze stimuleringsregelingen zijn landelijk, regionaal en internationaal gericht. Check de subsidiewijzer of er voor uw plan financiering mogelijk is. Selecteer op onderwerp, regio of type financiering en bekijk uw opties en de voorwaarden.

Regelhulp financiering en verzekeringen voor internationaal ondernemen

Heeft u plannen om te gaan exporteren, te gaan investeren of uit te breiden in het buitenland? Dan kan het lastig zijn om aan financiering te komen. Met deze Regelhulp krijgt u een goed idee of u in aanmerking komt voor internationale financiering of exportverzekering van de Rijksoverheid.

Geld lenen voor haalbaarheidsonderzoek

Met een haalbaarheidsonderzoek bepaalt u in een vroeg stadium of de vernieuwing van uw product of dienst kans van slagen heeft. Voor dit onderzoek kunt u als mkb’er of innovatieve starter de Vroegefasefinanciering (VFF) aanvragen. Dit is een lening die u met rente terug moet betalen. Voor de VFF moet u in ieder geval het volgende voorbereiden:

  • Een businessplan waaruit blijkt dat uw bedrijf substantieel gaat groeien.
  • Een vernieuwingsplan.
  • Een intentieverklaring van een toekomstige investeerder die uw traject gaat financieren.

De voorwaarden voor een mkb’er of innovatieve starter verschillen. Lees daarom goed de voorwaarden voordat u de aanvraag indient.

Vraag uw bank om de Borgstellingkrediet

U wilt een lening afsluiten bij uw bank, maar u heeft niet genoeg onderpand om zekerheid te bieden. Dan kan de overheid voor een deel garant voor u staan met de Borgstelling MKB Kredieten (BMKB). De BMKB is bestemd voor het mkb tot 250 werknemers. Ook zzp’ers worden tot het mkb gerekend. U vraagt deze garantieregeling niet zelf aan. Dat doet de bank. Vraag uw bank of u in aanmerking komt voor de BMKB.

Check de overheidsregelingen voor startups

Gebruikt u voor uw nieuwe ideeën een nieuwe technologie? Dan bent u een zogeheten startup. Startups lopen er vaak tegenaan dat potentiële investeerders terugdeinzen voor de risico’s. De overheid kan met verschillende regelingen de risico’s voor investeerders wegnemen. Welke regeling of financieringsmix bij u past, is afhankelijk van uw plannen. Met de Startupbox komt u er stapsgewijs achter. Ga direct naar de Startupbox.

Gebruik de Wegwijzer Smart Industry

Bent u bezig met het optimaliseren van bijvoorbeeld uw productieproces door combinaties van digitale en technologische ontwikkelingen? Bekijk dan wat de overheid aan financiële ondersteuning biedt met de Wegwijzer Smart Industry. U kunt subsidies en financiering krijgen voor onder andere onderzoek en samenwerking.

Zoek externe financiering

Naast financiële steun vanuit de overheid, zijn er ook andere externe financieringen mogelijk. Banken liggen misschien het meest voor de hand. Maar er zijn ook alternatieve financieringen via informele investeerders zoals crowdfunding of Business Angels. Er zijn dus meer manieren om aan bedrijfsfinanciering te komen. Bekijk de mogelijkheden voor externe financiering.

Feiten en cijfers: bedrijven met snelle omzetstijging

De grafiek laat per kwartaal het percentage bedrijven zien waarvan de omzet in het kwartaal met meer dan twintig procent is gestegen vergeleken met hetzelfde kwartaal een jaar eerder.

Europese subsidies

De Europese Unie (EU) verleent subsidies aan projecten of organisaties die de belangen van de EU dienen of bijdragen tot de uitvoering van een programma of het beleid van de EU. De EU reserveert voor de lidstaten jaarlijks een bedrag van meer dan € 300 miljard.

Om in aanmerking te komen voor een Europese subsidie is het verstandig om uw projecten of diensten aan te laten sluiten bij het Europese beleid. Daarnaast zijn er regels opgesteld om de subsidieverlening zo helder mogelijk te laten verlopen.

  • Een Europese subsidie krijgen is meestal alleen mogelijk via ‘Call for proposal’ (een openbare aanbestedingen. Dat wil zeggen dat de Europese Unie een oproep doet om voorstellen in te dienen. Belangstellenden worden hiermee opgeroepen een actieplan in te dienen, dat overeenkomt met het beleidsterrein en de gestelde voorwaarden.
  • Verder mag de subsidieverlening niet leiden tot winst voor de begunstigden;
  • Subsidie aanvragen met terugwerkende kracht, voor een gebeurtenis in het verleden, is niet mogelijk.

Geïnteresseerden in een EU-subsidie kunnen een aanvraag indienen door op een ‘Call for proposal’ te reageren. Denk bij mogelijke geïnteresseerde partijen aan: ondernemingen (incl. MKB), universiteiten, onderzoeksinstellingen en andere organisaties.

Subsidiewijzer

Zoekt u een Europese subsidie of regeling voor financiering? Of wilt u weten wat er mogelijk is voor uw bedrijf? In de subsidiewijzer vindt u alle openstaande subsidies en regelingen. RVO.nl voert deze subsidies en financieringsregelingen uit in opdracht van diverse ministeries en de Europese Unie.

Gids voor beginners

Hoe vraagt u een Europese subsidie aan? En waar kunt u terecht voor meer concrete informatie over financieringsmogelijkheden vanuit de EU? Kortom, hoe en waar begin je? In deze handige gids voor beginners worden beginnende subsidiezoekers wegwijs gemaakt in het ruime aanbod van financieringsmogelijkheden die openstaan in de EU. Er worden belangrijke richtlijnen aangereikt in verband met aanvraagprocedures en er wordt aangegeven waar u meer te weten kunt komen over de subsidies.

Uitvoerende organisaties

In Nederland zijn verschillende organisaties aangewezen om de Europese subsidieprogramma's uit te voeren. Zij hebben informatie over actuele subsidiemogelijkheden en helpen u graag verder. U vindt zet terug in de subsidiewijzer.

Talentontwikkeling

Webinar: welke kwaliteiten heeft een ondernemer?

Webinar Webinar: welke kwaliteiten heeft een ondernemer?

Welke vaardigheden en kwaliteiten zijn nodig om succesvol zelfstandig te ondernemen? Marijke Roskam bespreekt tips en ervaringen met ondernemer Alexandra Smith en Annemarie Velers (KvK). Wat kunt u verwachten?

  • Welke kwaliteiten heeft u nodig als zzp'er
  • Wat kunt u leren of ontwikkelen
  • Persoonlijke doelstellingen: wanneer heeft u succes

Dit webinar was onderdeel van de uitzending "Starten als zzp'er". Klik hier om de hele uitzending te bekijken.

Braventure (Noord-Brabant)

Bent u een beginnende ondernemer van een startup in Brabant? Dan kunt u meedoen aan het programma Braventure. Dat is een programma van de 2 Brabantse universiteiten, 4 hogescholen en 6 ontwikkelingsmaatschappijen. Het doel is om startups te versnellen en laten slagen met de hulp van kennis, ervaring en contacten van de partijen die meedoen aan Braventure. Startups die meedoen, krijgen begeleiding en hulp bij financiering. Een van de financieringsmogelijkheden is het Brabant Startup Fonds (BSF). De provincie Noord-Brabant heeft het fonds opgericht.

Hoe kunt u aanvragen?

U kunt een aanvraag voor begeleiding en financiering doen via Braventure.nl.

Sales en communicatie

Webinar: marketing en administratie voor starters

Webinar Webinar: marketing en administratie voor starters

Als uw bedrijf eenmaal staat, dan begint het echte werk. Want hoe bereikt u uw klanten? En hoe wordt u goed vindbaar op het internet? Profiteer van de nuttige tips en ervaringen over marketing en marktonderzoek van experts van KVK, Belastingdienst én mede-ondernemers.

Dit mini-webinar maakt onderdeel uit van het webinar 'Een eigen bedrijf starten' dat werd uitgezonden op 13 december 2018.

Geld verdienen met vloggen

Vloggen is populair. Steeds meer mensen nemen video’s op en kijken video’s. Wilt u geld verdienen met vloggen? Lees hier hoe u dat doet. Misschien bent u als vlogger ook ondernemer voor de Belastingdienst. U moet dan belasting betalen.

Wat is vloggen?

Vloggen is bloggen op video. In een vlog laat u als online videomaker (of vlogger) zien wat u in een week doet. Het is een van de vele videoformats die er zijn. Net als een tutorial. Daarin laat u zien hoe u iets het beste zelf kunt doen. Zoals make-up aanbrengen of eten koken. De video’s plaatst u vervolgens op online videoplatforms zoals YouTube, Vimeo of DailyMotion. Mensen kunnen de video bekijken, liken, delen of abonnee worden van uw videokanaal.

Hoe verdient u geld met vloggen?

Succesvolle online videomakers of vloggers plaatsen regelmatig video’s waar een groot publiek graag naar kijkt. Bijvoorbeeld omdat ze handige tips en adviezen geven over beauty, mode of lifestyle. Of omdat ze een interessant leven hebben als bekend persoon. Hoe meer kijkers, hoe groter de kans dat u als videomaker geld kunt verdienen met vloggen. De bekendste manieren zijn:

  • Advertenties die voor, tijdens of na een video te zien zijn

    Per 1.000 weergaven ontvangt u als maker een bepaald bedrag. Op een online videoplatform zet u deze functie aan. Op YouTube selecteert u bijvoorbeeld bij het uploaden ‘Inkomsten genereren met mijn video’s’. 

  • Promoten van producten

    Sponsoren kunnen u vragen of u hun product wilt aanbevelen in uw video’s. In ruil daarvoor mag u het product vaak houden, soms ontvangt u ook een bepaald bedrag. Een goede match tussen merk, product en u is daarbij belangrijk. Anders is het niet geloofwaardig. En: het publiek wil geen advertentie zien, maar u.

  • Affiliate marketing

    U kunt ook zelf producten promoten. Dat heet affiliate marketing. Daar zijn speciale partnerprogramma’s voor, die de meeste webwinkels aanbieden. Zij geven u een speciale URL-link, die u in de beschrijving onder de video zet. Bijvoorbeeld: u beveelt uw vlogcamera aan. Koopt een kijker via uw link die camera? Dan krijgt u een deel van het aankoopbedrag.

Maak altijd duidelijke afspraken met sponsoren

Zo is voor beide partijen duidelijk wat jullie van elkaar verwachten. Zet de afspraken ook zwart op wit.

Wanneer bent u als vlogger ondernemer?

Vlogt u als hobby en plaatst u af en toe een video? Dan bent u niet meteen ondernemer. Maar als u geld of producten gaat verdienen met uw video's, kan het zijn dat u ondernemer bent. U moet zich dan als ondernemer inschrijven bij KVK. En belasting betalen aan de Belastingdienst. Zet daarvoor alvast geld opzij. Als ondernemer heeft u misschien recht op voordelen. Zoals de ondernemersaftrek.

Feiten en cijfers: aantal bedrijven in filmproductie

De grafiek toont het aantal eenmanszaken in filmproductie, waaronder vloggers, in Nederland per kwartaal. Het aantal eenmanszaken neemt de laatste jaren vrijwel onafgebroken toe.

Marketingmix

U wilt dat klanten voor úw bedrijf kiezen. En niet voor uw concurrent. Hoe gaat u dat voor elkaar krijgen? Met de marketingmix vertaalt u snel uw plannen naar een praktische aanpak. De marketingmix is een belangrijk onderdeel van uw communicatieplan en marketingstrategie.

Van marktonderzoek naar marketingmix

De uitkomsten van uw marktonderzoek laten zien wie uw klanten zijn en waar u die kunt vinden. Met de marketingmix werkt u uit hoe u uw marketingstrategie in de praktijk gaat uitvoeren. Daarmee geeft u een duidelijk eigen gezicht aan uw bedrijf, dat past bij de wensen van uw klanten.

De marketingmix: een kloppend plaatje

U wilt dat uw marketing en communicatie passen bij het beeld dat u wilt uitstralen. Stel: u heeft gekozen voor een statig herenhuis als bedrijfspand. Dan wilt u waarschijnlijk aan uw klant overbrengen dat uw product van hoogwaardige kwaliteit is. En niet dat u een prijsvechter bent. Met de marketingmix stemt u de verschillende elementen van uw marketing op elkaar af, zodat het totaalbeeld 'klopt'.

Online marketing

Goede online marketing is een belangrijk onderdeel van de marketingmix. Zorg dat u online goed vindbaar bent. Ontwikkel een website voor uw bedrijf en word actief op social media. Op die manier vergroot u de zichtbaarheid van uw organisatie.

Communicatieplan en marketingstrategie

Vertaal de marketingmix in een goed communicatieplan of marketingstrategie naar concrete stappen. Maak daarin de volgende dingen duidelijk: Wat wilt u bereiken? Wie is uw doelgroep? En welke onderdelen van de marketingmix zet u hierop in?

De 4 P's van de marketingmix

Product

Product staat voor meer dan alleen uw product of dienst. Wat is de toegevoegde waarde? Welk probleem lost het op? Welke kansen biedt het? Denk ook aan verpakking, garantievoorwaarden, uitstraling en merk.

Prijs

De prijs zegt iets over het product dat u levert, maar ook over het deel van de markt waar u zich op richt. Met een hoge prijs trekt u een andere doelgroep dan met een stuntprijs. Actuele prijzen en prijsontwikkelingen van producten, diensten en producenten vindt u op de website van het CBS.

Plaats

De plaats waar uw bedrijf is gevestigd, is niet altijd de plaats waar klanten uw product vinden. Dat kan bijvoorbeeld ook in een winkel zijn, via een distributeur of op internet.

Promotie

Promotie maken kan op allerlei manieren en via verschillende kanalen. Ook beurzen, nieuwsbrieven of Twitter zijn mogelijke promotiekanalen. Online marketing wordt steeds belangrijker. Zorg dat uw website goed vindbaar is en er verzorgd uitziet.

5 P's of 6 P's

Traditioneel worden er 4 P’s onderscheiden. U kunt nog meer P’s toevoegen aan uw marketingmix. Sommigen pleiten voor 5 P’s. De 5e P staat meestal voor Presentatie.

Presentatie

Uitstraling en imago beïnvloeden de keuze van de klant. Laat uw presentatie goed aansluiten bij de rest van uw marketingmix. Ook hier is online marketing weer belangrijk. Met uw website, Facebook-pagina en Twitter-kanaal bepaalt u voor een groot deel de uitstraling van uw bedrijf.

Sommigen gaan nog een stapje verder. Zij hebben het bijvoorbeeld over de 6 P’s van Marketing. De 6e P staat meestal voor Personeel. Andere P’s staan bijvoorbeeld voor partners, proces of physical evidence. Hoeveel P’s u ook hanteert in uw marketingmix, het gaat erom dat er goede samenhang is tussen de marketinginstrumenten. Houd ook de concurrentie goed in de gaten: welke marketingmix gebruiken zij?

4 C's

In plaats van 4 of 6 P’s kunt u er ook voor kiezen om 4 C’s uit te werken. Hierbij stelt u uw klant centraal. U beantwoordt voor uzelf de volgende vragen:

Customer solution: Wat heeft uw klant nodig? Hoe voldoet u aan de wensen van uw klant?

Costs (to the customer): Wat zijn de kosten voor uw klant? De prijs moet concurrerend zijn. Hierbij betrekt u ook andere kosten. Denk aan verzendkosten of kosten om bij de winkel te komen. En service- of onderhoudskosten.

Convenience: Wat is het gemak of gebruiksvriendelijkheid voor uw klant? Welke oplossing biedt u uw klant? En levert u snel en op een gemakkelijke manier?

Communication: Hoe betrekt u uw klant bij uw communicatie? Gaat u bijvoorbeeld via social media het gesprek aan? Luisteren in plaats van zenden is belangrijk.

Maak uw marketingmix maatschappelijk verantwoord

De vraag naar duurzame producten en diensten neemt toe. U kunt daar op inspelen met uw marketingmix. Inspiratie nodig? Bekijk voorbeelden van MVO uit de praktijk.

Strategie

Starten met een foodtruck

U wilt een eigen foodtruck beginnen. U heeft goede ideeën voor unieke streetfood recepten. Maar kunt u een foodtruck kopen? En weet u wie uw concurrenten zijn? Welke regels gelden voor u en wat voor vergunningen heeft u nodig? Heeft u alles uitgezocht en bent u klaar om te starten? Dan moet u zich inschrijven bij KVK.

Wat is een foodtruck?

Een foodtruck is een mobiel restaurant. U kunt er gerechten, snacks of drankjes bereiden en verkopen. Andere termen die vaak voorkomen zijn 'rollende keuken', 'mobiele keuken' of 'rolling restaurant'.

Ook voor uw foodtruck geldt de Hygiënecode

Net als in een gewoon restaurant, bent u verplicht om volgens de laatste Hygiënecode te werken. U voldoet daarmee aan de HACCP-eisen, de wettelijke voorschriften van voedselveiligheid. In een Hygiënecode staat hoe u de voedselveiligheid en hygiëne kunt bewaken. U krijgt van tijd tot tijd controle van NVWA-inspecteurs om vast te stellen of u op een veilige manier werkt. De goedgekeurde code kunt u bestellen via de brancheorganisatie voor de horeca, Koninklijke Horeca Nederland (KHN).

Welke vergunningen heeft u nodig?

Welke vergunningen u als foodtruckhouder nodig heeft, kan per gemeente verschillen. Iedere standplaats heeft andere regels, omdat elke gemeente dit zelf mag bepalen. Neem daarom contact op met de gemeente om na te vragen welke vergunningen u precies nodig heeft. Een aantal zaken waar u (wellicht) mee te maken krijgt zijn:

Standplaatsvergunning

Met een standplaatsvergunning kunt u op de openbare weg of standplaats staan en verkopen vanuit een kraam of wagen.

Informeer over de eisen van een eventorganisatie

Eventorganisaties stellen vaak eisen aan deelnemende foodtrucks. Denk hierbij aan:

  • Assortiment
  • Wijze van afrekenen (contant, pin of muntjes)
  • Percentage van uw omzet dat u moet afstaan aan de organisatie
  • Veiligheid
  • Aansprakelijkheid

Informeer bij eventorganisaties of zij alle benodigde vergunningen hebben geregeld of dat u deze (gedeeltelijk) zelf moet aanvragen.

Buma/Stemra

Draait u muziek? Dan krijgt u te maken met muziekrechten. Informeer bij Buma/Stemra wat de kosten zijn.

Ontheffing drank- en horecawet

Wilt u op een evenement bier, wijn, port of sherry verkopen? Dan moet u een ontheffing Drank- en Horecawet bij de gemeente aanvragen.

Alcohol alleen voor 18 jaar of ouder

U mag alleen alcohol schenken aan jongeren van 18 jaar of ouder. Ook mag u geen drank verkopen aan jongeren onder de 18 jaar via mensen die wel 18 jaar of ouder zijn. Om de leeftijd van iemand te controleren vraagt u naar een identiteitsbewijs.

Het aanvragen van vergunningen kan soms 8 tot 12 weken duren. Zorg daarom dat u tijdig uw aanvraag indient.

Schrijf een ondernemingsplan

U bent het niet verplicht, maar het is wel verstandig om een ondernemingsplan te schrijven. Zo dwingt u voor uzelf concreet te beschrijven wat u precies gaat verkopen met uw foodtruck. Een uniek recept of product is misschien wel een gat in de markt. Wat rekent u voor prijzen en wat verwacht u aan winst. Maar ook de vraag of u zich beperkt tot een vast locatie of dat u meerdere plekken wilt staan. En wat doen uw concurrenten? Doe daarom ook marktonderzoek. Zo kunt u inschatten of uw plannen haalbaar zijn en of er markt is voor uw product.

Maak een marketingplan

Om u te onderscheiden van uw concurrenten moet u ook nadenken over hoe u zich naar buiten gaat presenteren. Maak daarom een marketingplan. Zoek uit wie uw doelgroep is. Laat de presentatie van de producten die u verkoopt met uw foodtruck hierop aansluiten. Stem ook uw social media hierop af. Bedenk prikkelende acties zodat potentiële klanten interesse krijgen en een bezoek willen brengen aan uw foodtruck.

Uw foodtruck kopen en financieren

De kosten voor een foodtruck verschillen enorm. Dat heeft te maken met het soort foodtruck dat u koopt. Heeft u bijvoorbeeld een aanhangwagen als foodtruck? Of gebruikt u een bestelauto? U moet ook rekening houden met bijkomende kosten, zoals:

  • onderhoud
  • opslag (voor als u de truck niet gebruikt)
  • benzine
  • inkoop van producten
  • koeling voor verse producten
  • wateraansluiting
  • vergunningen
  • verzekeringen

Breng al deze kosten in kaart en neem deze op in uw financieel plan. Op die manier komt u erachter of uw plannen haalbaar zijn. Dit is ook belangrijk als u financiering wilt aanvragen. Financiers willen uw financieel plan en ondernemingsplan zien.

Zorg voor het juiste rijbewijs

Heeft u een foodtruck die zwaarder is dat 3500 kg, of heeft u een aanhanger of oplegger? Dan heeft u een BE, C of C1 rijbewijs nodig. De laatste 2 zijn vrachtwagenrijbewijzen. Een B-rijbewijs voldoet dus niet.

Bedenk een unieke naam voor uw foodtruck en website

Als u begint met uw foodtruck, moet u ook een goede bedrijfsnaam bedenken. Kies een naam die uniek is. De meeste bedrijven hebben ook een website. Wilt u een website voor uw foodtruck opzetten, dan moet u een domeinnaam (internetadres) kiezen. Let daarbij op dat uw domeinnaam nog niet bestaat en dat u met uw domeinnaam het merkenrecht of handelsnaamrecht van een ander bedrijf respecteert.

Schrijf u in bij KVK

Bent u klaar met alle voorbereidingen? Dan moet u zich inschrijven in het Handelsregister van KVK. KVK meldt u direct aan bij de Belastingdienst. U krijgt dus ook meteen een btw-nummer. De inschrijving kost eenmalig € 50,-.

KVK stopt met uitgifte btw-nummer

KVK stopt vanaf 1 januari met de uitgifte van het btw-nummer. Vanaf die datum verstrekt de Belastingdienst zelf het nieuwe btw-identificatienummer aan eenmanszaken.

Betaal belasting en btw

U moet belastingaangifte doen over uw inkomsten. Het maakt hierbij niet uit waar u werkt. Ook moet u btw betalen. Tenzij u een kleine omzet heeft. Dan kunt u gebruik maken van de kleineondernemersregeling (KOR). U moet dan wel aan 4 voorwaarden voldoen. Als starter heeft u ook recht op startersaftrek bovenop de gewone zelfstandigenaftrek. Deze extra startersaftrek mag u de eerste 3 jaar van uw winst aftrekken. Ook hiervoor gelden voorwaarden. Zo moet u bijvoorbeeld ieder jaar minimaal 1225 uren aan uw foodtruck besteden.

Zorg voor een goede administratie

U bent verplicht een eigen administratie bij te houden van uw inkomsten en uitgaven. Zorg dus dat uw administratie voldoet aan de eisen. U moet bijvoorbeeld duidelijk laten zien hoeveel belasting u moet betalen of hoeveel btw u terugkrijgt.

Regel uw verzekeringen

Een eigen bedrijf starten brengt risico’s met zich mee. Het is niet verplicht, maar u doet er wel verstandig aan om uw foodtruck en inventaris te verzekeren. Het risico op brand in een foodtruck is relatief hoog en ook zijn foodtrucks kwetsbaar voor schade door inbraak of storm. Kijk waar u zich allemaal meer voor kunt verzekeren.

Feiten en cijfers: oprichtingen van eetgelegenheden

De grafiek toont het aantal oprichtingen van eetgelegenheden, waaronder foodtrucks, in Nederland per kwartaal.

Stappenplan starten als zzp’er in de zorg

Waar krijgt u mee te maken als u start als zzp’er in de verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT)? Dit stappenplan is een richtlijn. U kunt een aantal stappen tegelijk nemen. Afhankelijk van uw specifieke zorgberoep is het mogelijk dat u nog andere verplichtingen heeft.

1. Schrijf u in bij KVK

Als u start als zzp’er in de zorg moet u zich inschrijven in het Handelsregister van KVK.

2. Vul de vragenlijst van de IGZ in

Na inschrijving in het Handelsregister vraagt de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) u een digitale vragenlijst in te vullen. De IGZ bepaalt aan de hand van uw antwoorden of u onder toezicht van de Inspectie valt.

3. Schrijf u in het BIG-register in

Om bepaalde beroepen in de zorg te mogen uitoefenen, moet u zich inschrijven in het BIG-register. Deze eis komt bovenop uw diploma- en beroepseisen. Pas na inschrijving in het BIG-register mag u de wettelijk beschermde beroepstitel voeren.

4. Vraag een AGB-code aan

U heeft een persoonlijke AGB-code nodig om de zorg die u levert te declareren. U kunt alleen een AGB-code aanvragen als u een geldige BIG-registratie en/of een registratie bij een beroepsorganisatie of kwaliteitsregister heeft. Vektis beheert het AGB-register.

Alles wat u als startende zzp'er in de zorg moet weten over de AGB-registratie staat op starterindezorg.nl.

5. Toon aan dat u zelfstandige bent

Werken als zzp’er betekent dat u geen dienstbetrekking heeft met uw opdrachtgever. U kunt dit aantonen met een (model)overeenkomst van de Belastingdienst. Uw opdrachtgever hoeft dan geen loonheffingen in te houden en te betalen.

6. Geef verzekerde zorg

Wilt u verzekerde zorg aan uw klanten geven? Dat is zorg die is verzekerd vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Dat kan op verschillende manieren. Zo weet u dat u betaald krijgt voor de zorg die u geeft en dat uw patiënt de zorg (deels) vergoed krijgt.

7. Voldoe aan kwaliteitseisen

De zorg die u geeft, moet aan wettelijke kwaliteitseisen voldoen. U kunt met deze zelftest en uitzonderingenlijst controleren of u aan de eisen moet voldoen van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg (Wkkgz).

8. Bepaal uw prijs

Voor bepaalde zorgberoepen stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) maximumtarieven vast. Veel diensten in de gezondheidszorg zijn vrijgesteld van btw.

9. Stel algemene voorwaarden op

In de algemene voorwaarden neemt u bijvoorbeeld regels op over betalingsvoorwaarden, aansprakelijkheid, geheimhouding en klachten. Voor modelvoorwaarden kunt u onder andere terecht bij verschillende zorgorganisaties.

10. Regel uw verzekeringen

Iedere inwoner van Nederland is verplicht een ziektekostenverzekering af te sluiten. Daarnaast kunt u zich vrijwillig verzekeren tegen een aantal andere (bedrijfs)risico's.

11. Meld uw bedrijf aan huis

Wilt u uw bedrijf aan huis beginnen? Dan moet u dit meestal melden bij uw gemeente. Ook moet u rekening houden met een aantal belastingzaken en met uw huur- of hypotheekovereenkomst.

12. Leg patiëntendossiers aan

Als zorgverlener moet u van elke patiënt een medisch dossier bijhouden. In het dossier staan gegevens over onder meer de gezondheid van de patiënt en over uw behandeling. Let op: medische gegevens zijn bijzondere persoonsgegevens die u goed moet beveiligen. Lees hier wat u volgens de privacywet AVG moet doen.

13. Meld kindermishandeling en huiselijk geweld

U moet een meldcode gebruiken als u kindermishandeling of huiselijk geweld vermoedt.

Hoeveel zelfstandigen starten er in de zorg?

Jaarlijks starten zo’n 15 duizend eenmanszaken in de zorgsector. In 2009 waren dit er meer dan gemiddeld. Het totale aantal eenmanszaken in de zorg neemt al jaren toe.

Bedrijf aan huis starten

Wilt u een bedrijf aan huis starten? Dan is het belangrijk dat u rekening houdt met de voorwaarden van uw gemeente. Lees ook uw hypotheekovereenkomst of huurovereenkomst goed door. Daarin staat of u een bedrijf vanuit uw huis mag starten. Soms zijn kosten voor een bedrijf aan huis fiscaal aftrekbaar. Controleer ook of u extra verzekeringen moet afsluiten.

Controleer de voorwaarden van uw gemeente

Beoefent u een vrij beroep? Dan mag u in de meeste gevallen starten met een bedrijf aan huis. Een vrij beroep is bijvoorbeeld: een architect, advocaat, huisarts, kunstenaar of accountant. De voorwaarden voor een bedrijf aan huis verschillen per gemeente. Over het algemeen geldt:

  • Uw huis moet een woonkarakter houden. Dat betekent in de meeste gemeenten dat:
    • u niet meer dan 1/3 van uw woning gebruikt voor uw bedrijf
    • u met uw bedrijf geen overlast veroorzaakt voor uw buren
    • u geen reclame maakt op uw huis
    • uw bedrijf een kantoorfunctie heeft
  • De meeste gemeenten staan niet toe dat uw personeel werkt vanuit uw huis.
  • Uw plannen moeten passen binnen het bestemmingsplan.
    • Past het wel, dan moet u meestal uw bedrijf aan huis melden bij uw gemeente.
    • Past het niet, dan kunt u een ontheffing of aanpassing aanvragen. In bepaalde gevallen moet u bij uw gemeente een onttrekkingsvergunning aanvragen. De gemeente geeft hiermee toestemming de woning uit de woningvoorraad te halen. Dan mag u uw woning als bedrijfsruimte gebruiken.

Vraag bij uw gemeente naar de exacte voorwaarden voor een bedrijf vanuit huis.

Kijk of u toestemming nodig heeft van uw bank of verhuurder

Bent u eigenaar van de woning en heeft u een hypotheek op de woning? Houd dan rekening met de bepalingen in de hypotheekovereenkomst. Huurt u de woning? Houd rekening met de voorwaarden in de huurovereenkomst.

Controleer wat de gevolgen zijn voor de btw en inkomstenbelasting

Voor uw bedrijf aan huis kunt u gebruik maken van dezelfde aftrekposten als voor ieder ander klein bedrijf. Ook gelden dezelfde voorwaarden. Voor de btw en de inkomstenbelasting moet u wel met een aantal dingen rekening houden. Bijvoorbeeld of u de woning kunt splitsen in een bedrijfsgedeelte en een woongedeelte. In dat geval kunt u bijvoorbeeld kosten van de werkruimte in uw woning aftrekken.

Privébezit of ondernemingspand

Start u uw bedrijf in een pand dat uw eigendom is? Geef dan bij de eerste aangifte inkomstenbelasting aan of het gaat om een privépand of een ondernemingspand. Woont u in een woning die tot uw ondernemingsvermogen behoort? Dan moet u een bedrag bij de winst tellen voor het privégebruik: het woningforfait. Huurt u voor uw onderneming een pand en woont u daar? Dan moet u een bedrag bij de winst tellen als privé-onttrekking (het 'woongenot'). Dat bedrag is een percentage van de WOZ-waarde.

Rekenhulp Werkruimte in de woning

Een Rekenhulp vertelt u aan de hand van een aantal vragen welke regels voor u gelden. De rekenhulp ‘Werkruimte in de woning’ berekent of u kosten van de werkruimte in uw woning mag aftrekken.

Controleer of u een bedrijfsverzekering moet afsluiten

Uw inboedelverzekering en opstalverzekering zijn voor uw privébezittingen en het huis zelf. Ze dekken niet de schade aan bedrijfsmiddelen en de werkruimte. U kunt hiervoor aparte bedrijfsverzekeringen afsluiten.

Wie kan u waarmee helpen?

De gemeente kan u helpen met:

  • de exacte voorwaarden voor een bedrijf aan huis
  • controle van het bestemmingsplan
  • het eventueel melden van uw bedrijf aan huis
  • het aanvragen van een omgevingsvergunning, wijziging van het bestemmingsplan of een onttrekkingsvergunning

Twijfelt u of de werkruimte voldoende ‘zelfstandig’ is? Vraag het uw fiscaal dienstverlener (boekhouder of adviseur). Eventueel kunt u de situatie voorleggen aan de Belastingdienst.

Aantal zelfstandigen met bedrijf aan huis

De grafiek toont het aantal zelfstandigen met een bedrijf aan huis. Het gaat dan om werkzaamheden die in, vanuit of bij de eigen woning worden verricht.

Digitalisering

Een e-factuur versturen naar de overheid

Verstuurt u als ondernemer facturen nog per post of als pdf naar de overheid? Dan kunt u de vraag of zelfs de eis krijgen om een e-factuur te sturen.

Wat is een e-factuur?

Een e-factuur is een elektronische factuur. De vereiste gegevens staan altijd op een vaste plek met een eigen codering. Daardoor is het mogelijk een e-factuur automatisch te versturen en verwerken. Handmatige verwerking in de administratie is niet meer nodig. Dat moet nog wel bij papieren facturen. Of bij een pdf-factuur. Dit zijn geen e-facturen.

E-factureren naar decentrale overheden

Decentrale overheden kunnen u vragen of zelfs van u eisen om een e-factuur te sturen. Denk aan gemeenten, provincies en waterschappen. Maar ook alle andere organisaties die moeten aanbesteden. Zoals onderwijsinstellingen en musea. Deze organisaties zijn wettelijk verplicht om e-facturen te kunnen ontvangen en verwerken.

e-Factuurwijzer

Bent u leverancier van de Rijksoverheid en wilt u e-facturen versturen? Als u de e-Factuurwijzer invult, ziet u in 5 minuten wat u als ondernemer moet doen om e-facturen te kunnen versturen naar de Rijksoverheid.

E-factureren naar de Rijksoverheid

De Rijksoverheid stapte al eerder over op e-factureren. Heeft u na 1 januari 2017 een inkoopcontract afgesloten met de Rijksoverheid? Bijvoorbeeld met een ministerie of uitvoeringsorganisatie? Dan moet u e-factureren.

Bent u verplicht om e-facturen te versturen?

Als het in de inkoopvoorwaarden van uw contract staat, bent u verplicht om een e-factuur te versturen.

E-factureren: hoe doet u dat?

Vraag uw overheidsklant hoe hij een e-factuur wil ontvangen. Er zijn verschillende manieren:

E-factuur versturen naar decentrale overheden

  • Via het beveiligde netwerk van Simplerinvoicing. De meeste boekhoudpakketten kunnen hiermee e-facturen versturen. Check op de site van Simplerinvoicing of uw boekhoudsoftware daarop is aangesloten.
  • Via e-mail met XML-bijlage. Dit is de e-factuur. Uw boekhoudsoftware maakt die aan.
  • Handmatig versturen via een online portaal van een ICT-dienstverlener, voor als u geen boekhoudpakket heeft.

E-factuur versturen naar de Rijksoverheid

  • Via het beveiligde netwerk van Simplerinvoicing. De meeste boekhoudpakketten kunnen hiermee e-facturen versturen. Check op de site van Simplerinvoicing of uw boekhoudsoftware daarop is aangesloten.
  • Handmatig versturen via een online portaal van een ICT-dienstverlener, voor als u geen boekhoudpakket heeft.
  • Via het leveranciersportaal van de Rijksoverheid, voor als u geen boekhoudpakket heeft.
  • Met Digipoort, voor als u veel e-facturen naar alleen de Rijksoverheid verstuurt.

Verzendwijze en eisen aan een e-factuur

Uw overheidsklant stelt specifieke voorwaarden voor het versturen van e-facturen. Daarnaast moet een e-factuur voldoen aan de wettelijke eisen die ook gelden voor papieren facturen en pdf-facturen.

Bescherm uw bedrijf tegen cybercrime

Als ondernemer kunt u te maken krijgen met cybercrime. Bijvoorbeeld door phishing, een virus of malware. Welke vormen van cybercriminaliteit zijn er? En hoe kunt u het risico verkleinen dat uw bedrijf te maken krijgt met cybercrime?

Wat is cybercrime?

Cybercrime is een veelgebruikte term voor online criminaliteit. U kunt hierbij denken aan een computervirus, maar ook aan misbruik van persoonsgegevens. Cybercriminaliteit kan grote gevolgen hebben voor uw bedrijf. Zo loopt de reputatie van uw bedrijf gevaar. En de gegevens van uw klanten kunnen lekken. U moet ervoor zorgen dat dat niet gebeurt.

Hoe herkent u cybercrime?

Er zijn verschillende vormen van cybercriminaliteit. Hieronder vindt u drie veel voorkomende vormen. Informatie over andere soorten cybercrime vindt u op de website Veilig internetten.

Virussen en malware

Een virus is een klein programma dat gegevens op uw computer kan beschadigen of verwijderen. Soms kan het zelfs uw harde schijf wissen. Veel virussen verspreiden zich via e-mail. Malware (malicious software) is een verzamelnaam voor alle software die criminelen hebben gemaakt om computers expres te beschadigen.

Phishing

Bij phishing proberen criminelen uw inloggegevens, creditcardinformatie, pincode of andere persoonlijke informatie te achterhalen. Ze doen dan via de mail of telefoon alsof ze van een betrouwbare instantie zijn. Zoals uw bank of creditcardmaatschappij. Als u uw gegevens geeft, dan kunnen ze geld van uw rekening halen. Een echte bank zal nooit om uw inloggevens of wachtwoord vragen.

Meld u aan voor een gratis mkb phishing test

De overheid stelt een gratis mkb phishingtest beschikbaar. Daarmee leert u de gevaren van phishing herkennen. Meld u aan tot en met 5 juli en check hoe veilig uw bedrijf online is.

Ransomware

Ransomware kan bestanden op uw computer ontoegankelijk maken. Uw computer loopt vast en u kunt niets meer doen. Het virus meldt dat u een geldbedrag moet betalen om van de blokkade af te komen. De politie adviseert niet te betalen.

Wat kunt u doen tegen cybercrime?

U kunt uzelf nooit helemaal beschermen tegen cybercrime. U kunt wel maatregelen nemen om het risico op cybercriminaliteit zoveel mogelijk te beperken. Volg deze 5 basisprincipes waarover u meer kunt lezen op de website van Digital Trust Center:

1. Kijk waar uw systeem kwetsbaar is

Inventariseer in uw bedrijf welke onderdelen kwetsbaar zijn voor cyberdreigingen.

2. Kies veilige instellingen

Controleer de instellingen van uw apparatuur, software en netwerkverbindingen.

3. Voer updates uit

Check of uw apparaten en software up-to-date zijn. Installeer direct beveiligingsupdates.

4. Beperk toegang

Bepaal per medewerker in uw bedrijf tot welke tot welke systemen en data zij toegang heeft.

5. Voorkom virussen en andere malware

Stimuleer uw medewerkers tot veilig gedrag. Gebruik een anti-virusprogramma en beperk de installatiemogelijkheden van software.

En ten slotte: gebruik uw gezond verstand.

Cyber Security Scan Smart Industry

De Cyber Security Scan Smart Industry vertelt u aan de hand van een aantal vragen welke regels voor u gelden. Wilt u meer inzicht in de cyberveiligheid van uw organisatie? Met deze regelhulp krijgt u advies om de digitale weerbaarheid van uw organisatie te vergroten.

Doe aangifte van cybercrime

Bent u slachtoffer van een cyberaanval? Doe dan aangifte bij de politie. Dat kan online maar ook telefonisch via 0900-8844.

Meldplicht bij ICT-inbreuken

Bent u een digitale dienstverlener of een aanbieder van essentiële diensten zoals elektriciteit, gas of drinkwater? En heeft u een incident op het gebied van cyber security? Dan moet u dat melden. Dat staat in de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen (Wbni). Komt uw product of dienst door de ICT-inbreuk in gevaar, dan moet u dit melden bij het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Het NCSC maakt een inschatting van de risico’s voor de samenleving. Ook verleent het NCSC u hulp, maar waarschuwt en adviseert ook andere organisaties.

Overige

Cosmetische ingrepen uitvoeren

Wilt u cosmetische behandelingen uitvoeren, zoals het injecteren van botox en fillers? Dan moet u bevoegd en bekwaam zijn. U moet zich houden aan de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG).

Wat is een cosmetische behandeling?

Een cosmetische behandeling is een ingreep om iemand er mooier uit te laten zien. Deze ingreep is vaak medisch niet nodig en wordt vaak zonder verdoving of met plaatselijke verdoving gedaan. Voorbeelden van een cosmetische ingreep zijn:

  • ooglidcorrectie
  • injecteren van fillers (rimpelvullers)
  • injecteren van botox (spierverslappers)
  • laseren om bijvoorbeeld littekens of pigment te verwijderen
  • IPL-behandeling (laseren met lichtflitsen) om haar te verwijderen

Wie mag cosmetische ingrepen doen?

U moet bevoegd én bekwaam zijn om cosmetische behandelingen uit te voeren. Uw patiënt moet minimaal 18 jaar zijn.

Bevoegdheid

Ook cosmetische ingrepen zijn medische handelingen met een risico. Sommige handelingen hebben grote risico’s voor de patiënt als iemand ze uitvoert zonder de juiste opleiding en ervaring. Er zijn 14 voorbehouden handelingen in de wet BIG. Bijvoorbeeld:

  • snijden (heelkundige handeling)
  • injecteren

Er zijn 5 beroepsgroepen die voorbehouden handelingen zelfstandig mogen uitvoeren:

  • artsen
  • tandartsen
  • verloskundigen
  • physician assistants
  • verpleegkundig specialisten

Als u onder deze beroepsgroepen valt, moet u in het BIG-register staan. Dat betekent dat u voldoet aan de juiste diploma- en beroepseisen. Patiënten kunnen u opzoeken in het BIG-register.

Bekwaamheid

Een BIG-registratie zegt onder meer of u wel of niet bevoegd bent. Om (cosmetische) behandelingen uit te voeren moet u ook bekwaam zijn. Uw bekwaamheid zegt of u ervaring heeft in cosmetische behandelingen. U kunt bijvoorbeeld via speciale cosmetische opleidingen vaardig worden in cosmetische behandelingen.

Wie mag geen cosmetische ingrepen doen?

Als u niet bevoegd en bekwaam bent, mag u geen cosmetische ingrepen doen waarbij u voorbehouden handelingen (zoals snijden en injecteren) moet uitvoeren. Voorbeelden:

  • Een schoonheidsspecialist valt niet onder de beroepen die voorbehouden handelingen mogen uitvoeren. Een schoonheidsspecialist is daarom niet bevoegd om injecties te geven en mag geen botox of fillers injecteren.
  • Een schoonheidsspecialist mag wel laserbehandelingen en IPL-behandelingen doen. Dit zijn geen voorbehouden handelingen. Wel moeten zij, op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg (Wkkgz), goede zorg verlenen. Laseren en IPL-behandelingen van de huid worden binnenkort wel voorbehouden. Huidtherapeuten worden dan aan het BIG-register toegevoegd. Schoonheidsspecialisten mogen dan alleen onder voorwaarden laserbehandelingen en IPL-behandelingen uitvoeren. Bijvoorbeeld in opdracht van een huidtherapeut.
  • Een tandarts valt wel onder de beroepen die mogen injecteren. Maar een tandarts is alleen bevoegd om bij tandheelkundige behandelingen met injecties te werken. Een tandarts mag geen botox of fillers inspuiten als cosmetische behandeling. Daarin is een tandarts niet bekwaam.

Inspectie

Bent u niet bevoegd en bekwaam, maar voert u toch cosmetische ingrepen uit? Het veroorzaken van (een aanzienlijke kans op) schade aan iemands gezondheid door ondeskundig handelen is een strafbaar feit volgens art. 96 Wet BIG. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) controleert en doet aangifte als dat nodig is. U kunt dan een geldboete of gevangenisstraf krijgen. Ook houdt de IGJ toezicht op de Wet kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg (Wkkgz). Hierin staat dat er goede zorg verleend moet worden. De Wkkgz is ook van toepassing op niet voorbehouden handelingen.

Klacht bij behandeling

Heeft uw patiënt een klacht? Als u in het BIG-register staat, dan kunnen patiënten een klacht tegen u indienen bij een Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Een tuchtcollege kan een waarschuwing of berisping geven, of een (tijdelijk) beroepsverbod opleggen. Mensen kunnen ook bij het Landelijk Meldpunt Zorg (LMZ) een klacht tegen u indienen.

Strengere geluidseisen voor warmtepompen en airco’s

Ingangsdatum: 1 juli 2020

Wat verandert er?

Werkt u met warmtepompen of airco’s? Warmtepompen en airco’s die buiten de woning staan, mogen straks niet meer dan 40dB geluid veroorzaken bij de buren. Dit geldt alleen voor nieuw te plaatsen installaties (nieuwbouw en verbouw).

Voor wie?

  • aannemers
  • bouwbedrijven
  • installateurs

Wanneer?

De wijziging van het Bouwbesluit 2012 gaat naar verwachting in op 1 januari 2020. Maar de geluidseisen zullen pas gelden als BENG in werking treedt. BENG gaat naar verwachting in op 1 juli 2020.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Laag btw-tarief voor e-books

Ingangsdatum: 1 januari 2020

Wat verandert er?

Verkoopt u e-books? Digitale boeken, kranten en tijdschriften krijgen het verlaagde btw-tarief van 9%. Het gaat dan om het langs elektronische weg leveren of uitlenen van een boek, dagblad, weekblad, tijdschrift of een ander tenminste driemaal per jaar regelmatig verschijnende uitgaven. Hiermee verdwijnt het verschil in btw voor fysieke en digitale uitgaven.

Voor wie?

  • ondernemers die digitale boeken, kranten en tijdschriften leveren

Wanneer?

De wijziging gaat naar verwachting in op 1 januari 2020.

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.